“Primarkpremie” ook voor callcenters

De naam Primarkpremie wekt misschien de indruk dat het alleen om de detailhandel gaat, maar bestuurder Elly Heemskerk van FNV ICT heeft er ook last van. ‘De regeling houdt de lonen laag.’

‘De benaming Primarkpremie wekt de indruk dat het alleen voor de medewerkers bij winkelketen Primark zou gelden’, zegt Heemskerk. ‘Of misschien voor de detailhandel als geheel. Maar ik heb er in de sectoren en branches waarin ik als vakbondsbestuurder actief ben – de zakelijke dienstverlening en de ICT – ook last van. Bij de callcenters bijvoorbeeld.’

Heemskerk doelt op de subsidie voor bedrijven waar mensen werken met een inkomen tot maximaal 125 procent van het wettelijk minimumloon. Deze Lage Inkomens Voordeel-regeling (LIV) is door het vorige kabinet in het leven geroepen om werkgevers te stimuleren mensen met een laag inkomen in dienst te nemen en te houden. Ze krijgen voor medewerkers die 100 tot 110 procent van het minimumloon verdienen een belastingvoordeel van 1 euro per uur. Voor werknemers met 110 tot 125 procent van het minimumloon krijgen ze 50 cent per uur. Dit met een maximum van 2000 euro per persoon per jaar. In totaal kost de regeling de schatkist zo’n 500 miljoen euro per jaar. Voor de volledigheid: het wettelijk minimumloon bedraagt 1.594 euro bruto per maand.

Elly Heemskerk: ‘Alle werkenden met een inkomen op of rond het minimumloon hebben last van de LIV’

Last van

Heemskerk legt uit waarom zij last heeft van deze subsidieregeling. ‘Het is een perverse prikkel. De LIV maakt het voor bedrijven lonend om medewerkers met een laag inkomen géén loonsverhoging te geven. En daar krijgen ze nog geld voor ook. Verhogen ze de lonen namelijk wél, dan raken ze de LIV-subsidie geheel of gedeeltelijk kwijt. Dit verklaart waarom veel bedrijven zo terughoudend zijn in de cao-onderhandelingen.’

Niet alleen Heemskerk heeft last van de LIV. Ook haar achterban, zegt ze. Of eigenlijk alle werkenden met een inkomen op of rond het minimumloon. ‘Ik spreek de laatste tijd veel medewerkers van callcenters. Lage lonen, veel boze mensen aan de telefoon, hoge werkdruk. Het gros van de medewerkers ontvangt het minimumloon, of een paar tientjes per maand daarboven. Werkgevers worden door de subsidieregeling aangemoedigd om hun lonen laag te houden. In sommige bedrijven wordt nog wel een deel van de premie met de medewerkers gedeeld. Maar ook zo’n eenmalige uitkering staat een structurele loonsverhoging in de weg.’

De FNV vindt het goed dat er geld beschikbaar wordt gesteld voor de arbeidsmarkt. Maar dan wel onder scherpe voorwaarden, zodat werknemers meer zekerheid hebben over hun werk plus doorgroeimogelijkheden in loon. ‘En het geld moet daar terechtkomen waar het nodig is’, aldus Heemskerk. ‘Dus niet bij bedrijven die toch al grote winsten maken. Zoals de regeling nu is, hebben met name mensen met lage inkomens last van ongewenste bijeffecten, zoals een te laag loon, onzekerheid en verdringing. Daarom roepen wij de minister op om de regeling aan te passen zodat iedereen kan meeprofiteren van de bloeiende economie.’

Primark, H&M, Zara… maar niet alleen de detailhandel heeft last van de “Primarkpremie”. Ook de callcenters bijvoorbeeld in de ICT-sector

Ook Kamer mort

Het pleidooi van de bond heeft inmiddels ook de Tweede Kamer bereikt. SP-Kamerlid Bas van Kent noemt de LIV in dagblad Trouw “een bonus voor de werkgever die geen extra banen oplevert”. Bedrijven nemen volgens hem “mensen in dienst als er werk is, en niet omdat zij subsidie krijgen.”

Ook bij de coalitiepartijen zijn kritische geluiden te beluisteren. Het CDA Kamerlid Pieter Omtzigt heeft zelfs vragen gesteld. Daarin wijst hij er onder meer op dat de uitzendsector dit jaar naar schatting 35 miljoen euro subsidie heeft gekregen voor het aantrekken van mensen met lagere inkomens, terwijl de

tarieven waarvoor zij als uitzendkracht bij klanten aan de slag gaan niet zijn gedaald. “Dit betekent dat de uitzendbranche extra winst kan maken, terwijl het effect van de regeling hoort te zijn dat er meer werkgelegenheid komt”, concludeert de CDA-parlementariër.

Omtzigt wil nu van minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid weten of de subsidieregeling heeft geleid tot extra banen. “Ik vind het jammer dat de minister pas over vier jaar wil kijken wat het effect is.” Omtzigt wil op korte termijn duidelijkheid. De FNV sluit zich hier van harte bij aan.