Max aan flex bij
Holland Casino

Op initiatief van de FNV is bij Holland Casino een maximum gesteld van 20 procent flexkrachten. En alle payrollcontracten worden afgebouwd.

‘Een bedrijf als Holland Casino kan niet zonder een flexibele schil’, vertelt Holland Casino-medewerker en OR-lid Jaap Ockhuijsen. ‘We moeten immers pieken kunnen opvangen, zoals tijdens pokertoernooien en drukke weekends. Anderzijds moeten we ook niet met te veel mensen zitten tijdens de daluren. Maar we moeten nu ook weer niet gaan overdrijven met te veel flex en te weinig vast.’

Holland Casino hanteert voor de vaste krachten het systeem van vraag gestuurd roosteren met daaromheen een flexibele schil. ‘Als je wilt, kun je als directie flink goochelen met vraag gestuurd roosteren’, aldus Ockhuijsen. Met als gevolg veel meer flexkrachten dan ons eigenlijk lief is.’

Ockhuijsen is voorzitter van de kadergroep van FNV Zakelijke Dienstverlening en neemt vanuit deze functie deel aan het periodiek overleg tussen de directie en de bonden. ‘Daar hebben we als FNV ingebracht dat er paal en perk moet worden gesteld aan de flex-schil. We hebben een verhouding voorgesteld van 80 procent vast en 20 procent flex. De directie heeft hiermee ingestemd. Om te zorgen dat er een einde komt aan het gegoochel met diensten, hebben we tevens bedongen dat het mandaat voor het vraag gestuurd roosteren bij de OR wordt belegd.’

Holland Casino-medewerker en OR-lid Jaap Ockhuijsen

Einde payroll

‘Behalve uitzendkrachten hebben we ook nog mensen rondlopen met een payrollcontract’, vervolgt Ockhuijsen. ‘Payrolling vinden we als bond een slechte constructie. Dus hebben we met de werkgever afgesproken dat deze contracten worden afgebouwd. De payrollers mogen overstappen naar het uitzendbureau, maar natuurlijk ook naar een functie als vaste kracht bij Holland Casino. Dit laatste zullen we alleen maar toejuichen.’

“Culture fit”

Voorts is afgesproken dat uitzendkrachten na één jaar flex een vaste aanstelling krijgen. ‘We hebben het met de directie ook nog gehad over de vraag wanneer dat dan moet gebeuren, en het antwoord is volgens ons heel simpel: bij goed functioneren. Nu is er echter één vestiging, de nieuwe in Amsterdam West, die als maatstaf het begrip “culture fit” hanteert. Maar wat is dat eigenlijk, “culture fit”? Waar heb je het dan over tijdens het functionerings- of sollicitatiegesprek. Dat wordt een weinig concreet gesprek. Dat is dus niet de bedoeling. Dit onderwerp houdt daarom onze aandacht en we zullen het blijven aankaarten in het periodiek overleg met de werkgever.’