‘Ik zat hier heel erg op mijn plek’

Bestuurder Margot Steffens van FNV Zakelijke Dienstverlening verlaat de bond. Ze gaat met pensioen. ‘Ik zat hier dertig jaar heel erg op mijn plek.’

Ze wilde altijd al bij de FNV werken – ‘De vakbond zit me in het bloed’ – maar koos in eerste instantie toch een andere carrière. Achteraf bezien een bijzondere carrière: ze werd chemisch analist en deed mee aan onderzoek naar hart- en vaatziekten in een ziekenhuis. Op haar 36e liet ze zich omscholen tot jurist en ging aan de slag bij (toenmalig) uitkeringsinstantie GAK (voorloper van het UWV). In 1990 maakte ze uiteindelijk de overstap naar de bond. Ze begon als administratief plaatselijk vertegenwoordiger bij de Bouwbond in Rotterdam, stapte later over naar Ledenservice en werd uiteindelijk bestuurder bij FNV Diensten.

‘Dat is mijn loopbaan in een notendop’, vertelt Margot Steffens, ‘maar feitelijk was ik al eerder actief voor de bond. Namelijk als voorzitter van de Kadergroep Rijnmond. Mijn grootouders en vader zetten zich ook in voor de bond, dus die liefde heb ik van huis uit mee gekregen. Ik ben weliswaar andere dingen gaan doen, maar mijn omscholing naar jurist was eigenlijk wel al een beetje een voorbereiding op een vakbondscarrière. Ik voelde niets voor strafrecht en economische delicten spraken me ook al niet aan. Arbeidsrecht en sociaal verzekeringsrecht, daar voelde ik me veel meer bij thuis.’

Eerste klus

Haar eerste klus bij het GAK was een vrachtwagenchauffeur die tijdens het werk iets te diep in het glaasje had gekeken, in zijn vrachtwagen met gevaarlijke stoffen werd aangehouden, zijn rijbewijs verloor en daarmee ook zijn baan. Plus een deel van zijn WW-uitkering. De man ging in beroep, maar won het niet bij Steffens. ‘Over dit soort dingen moet je eerlijk zijn’, vindt ze. ‘Wat hij had gedaan, kon gewoon niet.’

Als bestuurder bij de bond herinnert ze zich nog goed de ANWB-werknemer die de begrafenis van een overleden vriend wilde bezoeken maar daarvoor geen verlof kreeg. ‘Dát kan dus ook niet’, vindt ze. ‘Ik heb diens leidinggevende hierop flink aangesproken. Was deze man zó belangrijk dat hij niet eens dag vrij kon krijgen om zijn beste vriend te begraven? Kom op zeg! Uiteindelijk kreeg hij natuurlijk alsnog vrij.’

Sociale rechtvaardigheid is altijd haar drijfveer geweest én gebleven. ‘Soms als ik iets aankaart, vraagt de werkgever: “Waarom lopen de medewerkers wel naar de bond en komen ze niet naar mij met hun klachten?” Dan zeg ik: Denk daar zelf maar eens over na. Want als het zo gaat, is er volgens mij is er iets mis in een bedrijf. En hoe dan ook denk ik dat de bond noodzakelijk blijft voor iedereen.’

Blijven ontwikkelen

Steffens is zich gedurende haar hele loopbaan blijven ontwikkelen. Dit blijkt niet alleen uit haar omscholing tot jurist, maar ook uit haar opeenvolgende carrièrestappen en de grote hoeveelheid cursussen en bijscholingen die ze heeft gevolgd. ‘Ik ben zelfs recent nog naar een bijscholing over arbeidsrecht gegaan. “Waarom doe je dat?”, vroeg mijn man. “Je gaat straks met pensioen.” Ja, dat klopt inderdaad, maar dat betekent niet dat ik niet meer bij hoef te blijven en me te laten informeren over de laatste stand van zaken.’

Zo heeft ze ook nog een opleiding tot mediator gevolgd. Maar die functie heeft ze altijd lastig gevonden. ‘Het is de bedoeling dat je als mediator precies in het midden tussen de partijen komt te zitten. Dat is me nooit echt goed afgegaan. De hang naar het vertegenwoordigen van vooral de werknemersbelangen is toch altijd iets sterker gebleken. Tenzij iemand echt over de schreef is gegaan, natuurlijk, zoals die vrachtwagenchauffeur.’

En nu vertrekt ze dus. Met pijn in het hart? ‘Ach, het pensioen lonkt ook. Maar ik zat hier wel dertig jaar lang heel erg op mijn plek.’